Van de predikant

Wat was
Dat was in elk geval de prachtige presentatie van het boek Mijn Verhaal van Dirk. Mooi Dirk, dat je je 75e verjaardag op deze manier in ons midden vierde. Zó zijn we samen gemeenschap; zusters en broeders die ook samen elkaars hoogtijdagen vieren. Prachtig om met een boek terug te kijken op je leven. Hoe was ons verhaal, hoe zijn we geworden wie we nu zijn, waar komen we vandaan, wat heeft ons gevormd, wie en wat waren er op ons pad en wat brachten die mee?

Ik kon zelf niet bij de presentatie zijn, maar dan komen de zegeningen van de techniek om de hoek kijken, zodat ik er toch getuige van kon zijn.

Als dit nummer van de Aanwijzer op de mat valt of in de mail komt, ligt onze bijdrage aan het kerkasiel in Kampen van half juli alweer achter ons. Om politici in Den Haag scherp en wakker te houden, had men vanuit Kampen een kaartenactie opgezet. “Laat ze blijven!” riep elk van de 100.000 kaarten die werden aangeboden de politici toe. Ik had graag ook als PG Schermer mee willen doen, maar door het grote succes van de actie, viste ik achter het net. Ik ben wel blij dat de actie een succes was. En we hopen en bidden dat er gevolg aan gegeven gaat worden.

Intussen raakte ook de verbouwing en herinrichting van ons kerkgebouw in Schermerhorn naar de voltooiing. ’t Is nog niet helemaal af, zeker ook buitenom moet nog het nodige gebeuren, maar binnen is het zo goed als klaar. De werkgroep die het hele proces aanstuurde heeft er veel werk aan verzet en is dus nog niet helemaal klaar. Zeker ook de herziening van de plannen vroeg weer een hele omschakeling van de groep. Maar ook dat is gelukt.

Wat komt
Op zondag 2 augustus zal Joost K. in ons midden belijdenis doen. Dat is uitspreken dat hij er, samen met ons, voor kiest om als gelovig mens in het leven te staan. Dat hij er voor kiest te leven vanuit verbondenheid met God. In de bijbel wordt als metafoor voor het verbond van God met mensen nogal eens het huwelijk gebruikt. Welnu, we hebben als leidraad voor de dienst een tekst uit de bijbel gekozen die die metafoor uitwerkt.

Mooi dat we in deze zelfde dienst vervolgens avondmaal kunnen vieren. Samen aan tafel. Want we weten van vallen, maar ook van opstaan. We weten van verliezen en ondergang, maar ook van de liefde van Christus die ons draagt door de tijden heen en het is onze hoop: ook de tijden uit. Dat is hoe Gods verbond gestalte krijgt in het leven en werk van Jezus: dat zijn liefde ons draagt, voor altijd en eeuwig.

Zondag 23 augustus zullen we ons opgeknapte en compleet heringerichte kerkgebouw in Schermerhorn weer in gebruik nemen. ’t Heeft even geduurd, maar dan heb je ook wat. Als u het ziet of het al hebt gezien, hoop ik dat u het met me eens bent: het is mooi geworden.

Ik moest er meteen aan denken, aan ons kerkgebouw, toen ik in Trouw las van de verkiezing van het mooiste kerkgebouw van Nederland. Ik ontkom er toch niet aan dat ik dan denk: moet dat nou weer, dat we alles in competitie trekken!? Bovendien gaat het er ook niet om hoe mooi een kerkgebouw is. ’t Gaat er om dat een gemeente in het gebouw gemeente kan zijn op een goeie manier. Als dat lukt, maakt dat een kerkgebouw dierbaar. Dat is een ander soort en veel belangrijker soort schoonheid. En dat maakt het ene kerkgebouw niet inwisselbaar met het andere; daar is geen wedstrijd van te maken. De vraag waar iemand zich thuis voelt, daar gaat het om. Dat is veel belangrijker en voor iedereen anders, want het zijn de mensen die dat maken.

Tot slot
Een roep om de Geest. Ik vond dat gebed prachtig verwoord in een gedicht van Huub Oosterhuis, te vinden op pagina 1143 van het Liedboek. Het is een gedicht dat insteekt bij de gave van de Geest, hier ‘Adem’ genoemd. En lees ik in de slotalinea dat elk mens op een gegeven moment de geest / de Geest geeft? En als het zover is, daar dan hopelijk vrede mee heeft.

Hierheen, Adem, steek mij aan,

stuur mij uit jouw verste verte

golven licht.

Welkom armeluisvader

welkom opperschenker

welkom hartenjager.

Beste tranendroger

lieve zielsbewoner

mijn vriend mijn schaduw

Even rusten

voor tobbers en zwoegers,

voor krampachtigen een verademing, ben je.

Onmogelijk mooi licht,

overstroom de afgrond

van mijn hart, jou zo vertrouwd.

God ben jij,

zonder jou is alles nacht en ontij,

wreedheid, schuld,

maar jij maakt schoon.

Verflenst mijn bloem – geef water

zalf mijn wonden.

Stijf sta ik, toegang verboden,

ijzig. Ontdooi mij, koester mij.

Vreemd ga ik, zoek mij.

Ik zeg ja jij, doe nee.

Vergeld mijn twijfel met vriendschap

zeven maal duizend maal.

Niets ben ik zonder jou.

Dood wil ik naar jou toe.

Dan zal ik lachen.

Laat een reactie achter